Blik op hulp

De moeilijke taak van een jeugdbeschermer: uithuisplaatsing ja of nee?

De moeilijke taak van een jeugdbeschermer: uithuisplaatsing ja of nee?

De moeilijke taak van een jeugdbeschermer: uithuisplaatsing ja of nee?
april 23
12:48 2015
lucie kessens

Foto: Develon Acker

Een gedwongen uithuisplaatsing is zeer ingrijpend voor het kind in kwestie, voor de ouders en zeker ook voor de professionals die het besluit nemen. Want wanneer is het niet meer veilig voor een kind om thuis te blijven wonen? En wanneer weet je zeker dat een gedwongen uithuisplaatsing een goede beslissing is? Ook voor de jeugdbeschermer een moeilijk moment, aangezien er ingegrepen wordt in de natuurlijke band tussen het kind en zijn ouders.

Risico’s

“De grote angst van jeugdbeschermers is dat het kind risico’s loopt als ze niet tot uithuisplaatsing overgaan. Als een kind bij zijn ouders blijft, gaat het soms ernstig mis, zelfs met de dood tot gevolg. Deze gebeurtenissen zijn triest en ingrijpend. Daarnaast is het onzeker wat een nieuwe woonsituatie met het kind zal doen. Beslissers zullen altijd blijven denken: ‘had ik maar…’”, aldus Lucie Kessens.

Lucie groeide op als enig normaal begaafd kind in een gezin met verstandelijk beperkte ouders en vier verstandelijk beperkte broers en zussen. Haar jeugd stond in het teken van geweld, ernstige verwaarlozing, alcoholisme en de constante dreiging van seksueel misbruik. Zij heeft veel hulpverleners over de vloer zien komen, die zeer goed bedoeld aan de slag gingen. Maar waardoor ontstond weerstand? Wat ging er mis? Hoe had de begeleiding meer kans van slagen gehad? Over haar leven verscheen in 2012 het boek ‘De Woonschool’.

“Kinderen willen bij hun ouders zijn”

lucie kessens

Lucie Kessens

Vaak wordt gedacht dat een kind dat in slechte omstandigheden leeft, beter af is met liefdevolle pleegouders dan in het eigen gezin. Mensen die deze kinderen warmte geven, goed verzorgen en er alles aan doen om ze goede kansen te geven. “Of dat slaagt, is de vraag, want een kind dat gedwongen uit huis geplaatst wordt, wil meestal maar één ding: bij zijn eigen ouders of naaste familie zijn. Het is geen onwil van deze kinderen, maar heeft te maken met de natuur: de onverbrekelijke band die we allemaal meekrijgen bij onze geboorte”, zo zegt Kessens.

Als kind wilde zij nooit uit huis geplaatst worden, hoe ellendig haar situatie thuis ook was. Natuurlijk verlangde zij naar aandacht, veiligheid, een fris huis, schone lakens en maaltijden die compleet waren. Maar tegelijkertijd verlangde zij ook naar haar eigen thuis. Zij wist als kind heel goed dat haar ouders haar niet alles konden bieden en dat rekent zij haar ouders niet aan. Voor haar was dat een gegeven, net zoiets als het weer. Als volwassene denkt  ze er nog precies zo over. “Kinderen willen bij hun ouders zijn en daarin ingrijpen heeft grote gevolgen voor een kind. Ik weet zeker dat ik ontspoord zou zijn, als ik uit huis was geplaatst”, aldus Kessens.

Bij twijfel niet uit huis plaatsen

Lucie is van mening dat uithuisplaatsing alleen in zeer extreme situaties gerechtvaardigd is, zoals geweld of seksueel misbruik in een gezin. “Jeugdbeschermers moeten bij twijfel niet meteen tot uithuisplaatsing overgaan. Hoewel niet uit huis plaatsen van kinderen tot risico’s kan leiden, staat daar tegenover dat telkens wanneer je besluit een kind bij zijn ouders te laten wonen, het daar wel het beste af is en, mits voldoende ondersteund, de beste slagingskansen heeft”, aldus de sympathieke ervaringsdeskundige.

Jeugdbeschermers hebben een zeer moeilijke taak en krijgen maar al te vaak de zwarte Piet toegespeeld. Elk mishandeld kind is er één te veel maar het lijkt onmogelijk dit uit te sluiten. Wat je ook doet, waar je ook op aanstuurt of beslist, er komt zo’n moment dat je achteraf denkt dat wanneer jij een andere beslissing had genomen het mogelijk beter had uitgepakt. Daar staat ook nog eens tegenover dat het succes van jouw beslissingen moeilijk meetbaar is op lange termijn. Kinderen die met jeugdbescherming in aanraking komen verdwijnen rond hun achttiende uit beeld, dus hoe kun je weten of je er daadwerkelijk toe hebt bijgedragen?

Ervaringsdeskundige als mede-opleider

Na het verschijnen van haar boek richt Lucie zich nu als ervaringsdeskundige ook op het (mede) opleiden van hulpverleners. Zo verzorgt zij onder meer de inleidende presentatie tijdens een landelijke studiedag over ouderbetrokkenheid bij bemoeizorg, drang en dwang, evenals een training over het begeleiden van sociaal zwakke gezinnen:

Interessant artikel? Meld u dan nu aan voor onze gratis nieuwsbrief en mis nooit meer iets!

Soortgelijke artikelen