Blik op hulp

Weinig verschil tussen familierelaties van migranten en autochtonen

Weinig verschil tussen familierelaties van migranten en autochtonen
september 27
15:11 2017

Migrantengezinnen zijn meer op onderlinge saamhorigheid en grotere familieverbanden gericht, waar autochtoon Nederlandse gezinnen meer op het kerngezin en het “ik” gericht zijn. Dat is een populaire opvatting onder hulpverleners. Maar het verschil is niet zo groot als vaak wordt aangenomen, zo stelde onderzoeker Ilse Rooijackers onlangs vast.

Echtscheiding en solidariteit volwassen kinderen

Zij onderzocht twee familiethema’s binnen de vier grootste, niet-Westerse migrantengroepen in ons land: personen van Turkse, Marokkaanse, Surinaamse en Antilliaanse afkomst. Zij analyseerde het verbreken van partnerrelaties en de solidariteit tussen ouders en volwassen kinderen. Haar conclusie? Relaties worden vooral gevormd door de omstandigheden en niet door waar families vandaan komen. Er waren grote verschillen binnen de vier migrantengroepen te zien. Bovendien waren er meer overeenkomsten dan verschillen tussen migranten en autochtonen, vooral op het gebied van een sterke emotionele band tussen moeder en kind.

Begrijpen

Rooijackers toonde aan dat ouderenzorg en scheidingen in toenemende mate niet-westerse migranten treffen. “Ten tweede rijst de vraag wat de juiste vergelijkingsgroepen zijn om familierelaties in de huidige, cultureel diverse Noordwest-Europese samenlevingen te begrijpen”, stelt Rooijackers. “Door teveel nadruk te leggen op het onderscheid tussen allochtonen en autochtonen verkrijgen we een incompleet beeld dat geen recht doet aan de diversiteit van migrantenfamilies.”

Wederkerigheid

Vaak worden “Westerse” en “niet-Westerse” normen tegenover elkaar gezet. Het proefschrift van Rooijackers toont aan dat, voor zover het familienormen betreft, het één het ander niet uitsluit. De onderzochte Surinaamse en Antilliaanse senioren onderschreven zowel het belang van familieverplichtingen als de onafhankelijkheid van henzelf en hun kinderen. Deze idealen zijn in grote lijnen gelijk aan de huidige doelen van het familiebeleid in Nederland, gericht op het stimuleren van de zelfredzaamheid van ouderen en het uitbreiden van de rol van informele zorg door vrienden, buren en familie. Op het gebied van moeder-kindrelaties verschilden migranten en Nederlandse families het meest in de aanwezigheid van praktische hulp: bij migrantenfamilies kwam wederkerigheid in praktische én emotionele steun vaker voor.

Scheidingen

Turkse en Marokkaanse vrouwen scheiden weliswaar niet zo vaak als Nederlandse vrouwen, maar het aantal (echt)scheidingen binnen deze groepen migranten zijn de laatste generaties wel toegenomen. De kans op een scheiding is het grootst bij Surinaamse en Antilliaanse vrouwen. Dit geldt voor zowel eerste- als tweedegeneratie immigranten. Samengenomen wijzen deze resultaten erop dat de effecten van migratie en acculturatie verschillend kunnen uitvallen. Die blijken immers afhankelijk van de specifieke combinatie tussen herkomst en aankomstland. Rooijackers constateerde ook veel variatie binnen en tussen families van dezelfde (niet-Westerse) afkomst: “Individuele, sociaal-demografische en levensloopkenmerken, evenals uiteenlopende manieren van omgaan met het migratieproces, hebben allemaal effect op familiegedrag”, licht Rooijackers toe.

Interessant artikel? Meld je dan snel aan voor onze gratis nieuwsbrief en mis nooit meer iets!

Mee discussiëren over dit artikel kan in onze LinkedIn-groep.

Soortgelijke artikelen